regenbooghakjes

Soms merk je het al zodra je je benen uit bed zwaait: dit wordt een kutdag. Gisteren was voor mij zo’n dag. De redenen hiervoor zal ik voor mij houden (maar jullie weten wie jullie zijn, haters). Op zulk soort dagen geef ik mezelf graag een extra challenge zodat wanneer ik die haal, ik toch een winnaar ben. Ondanks de haters.

Negen van de tien keer doe ik dat in de vorm van mijn regenbooghakjes. Dit zijn mijn hakken in regenboogkleuren met hele schattige straps, maar met de meest onmogelijke plateauzolen. Ze gaan vanaf mijn voet schuin naar beneden waardoor het loopgedeelte een stuk kleiner is dan hoe je het zou willen hebben. Opeens zijn de haters niet meer belangrijk. De regen voel ik niet meer. De kutdag merk ik niet op. Alle focus gaat uit naar staan blijven. Op asfalt, trappen, op kiezels en op gras. Gisteravond voelde ik mij voldaan. Ik was een winnaar. Maar het gaat niet altijd goed.

In 2012 had ik een lover´s spat met Edgar, de liefde van mijn leven. Om de focus te verplaatsen en uit wraak (want mijn lief vindt niets zo lelijk als mijn regenbooghakjes), trok ik ze aan en begon ik vol goede moed aan mijn missie: het huis uit, naar de stad en geld uitgeven. Op de Vismarkt ging het mis. Bij de kassa in de DA wilde ik de lipstickjes op het onderste rekje bekijken. Als een stapeltje natte kaarten viel ik in elkaar. Met mijn ene been languit en de ander onhandig de andere kant op stekend zag ik het meisje achter de kassa over de toonbank kijken: “Hallo?” Die dag was ik geen winnaar.

14 maart 2013. Ik weet het nog goed, het was een donderdag. Ik was twee maanden ziek geweest en ik kwam die dag weer terug op kantoor. Er zou taart zijn. Een goede dag voor de hakjen om mijn onzekerheid te maskeren en de meningen te trotseren. Het kantoor waar ik toen werkte, zat in een klein gebouwtje op een boerderij in Friesland. Die dag was de jaarlijkse Koeiendans: de dag dat de koeien na een winter in de schuur het land ingaan. Wij mochten kijken. Op mijn hakjes liep ik door het hooi in de koeienschuur. Het had die nacht een beetje geregend en overal lag modder vermengd met koeienvlaai. “Gelukkig”, dacht ik nog, “heb ik mijn plateauhakjes aan”. Die dag was ik geen winnaar.

Het is eigenlijk heel simpel. Geluk baseer ik niet meer op hoe succesvol ik ben of hoe snel ik vooruitga in het leven, maar ik meet het puur en alleen af aan hoelang ik rechtop blijf staan.